Witbier, dat is Hoegaarden van Pierre Celis, niet? Of gaat de geschiedenis van witbier nog wat verder terug? En wat heeft witbier eigenlijk met het Duitse Weizenbier te maken?
Witbier is licht en zacht. Correct. En het drinkt makkelijk weg. Ook correct. Maar of daarmee alles is gezegd? Nee, toch? Witbier werkt enorm verfrissend. Dat klopt, maar tegelijk beschikt het over heel uitgesproken aroma’s. Kortom, het is de ideale dorstlesser op een zomers terras én tegelijk voldoende complex om ook de doorwinterde bierliefhebber te bekoren.
De term witbier zet de niet-bierkenner wel op het verkeerde spoor. Witbier is (net als witte wijn) hoegenaamd niet wit. De kleur is eerder troebel witgeel, bekroond met een dikke, romige witte schuimkraag. Wit van ver en ver van wit, dus.
Twee bierfamilies, één gemeenschappelijke basis
De benaming witbier klonk ooit als een klok. Ze verwees naar een bier dat werd gebrouwen met een aanzienlijke hoeveelheid tarwe. En precies dat maakte het bijzonder. Vandaag is tarwe een vanzelfsprekend ingrediënt, maar dat was ooit heel anders. In de middeleeuwen was tarwe in de eerste plaats bestemd voor brood. Elke korrel was nodig om de groeiende bevolking te voeden. Alleen in bijzonder vruchtbare landbouwgebieden kon men zich veroorloven tarwe te gebruiken om bier te brouwen.
De Belgische witbiertraditie en de Duitse Weizenbiertraditie ontstonden onafhankelijk van elkaar, maar allebei in vruchtbare landbouwgebieden waar voldoende tarwe beschikbaar was. De bakermat van het Belgische witbier ligt in Vlaams-Brabant, met Hoegaarden als bekendste centrum. Die van het Weizenbier bevindt zich in Beieren.
Belgisch wit versus Duits Weizen
Belgische witbieren worden traditioneel gebrouwen met een beslag van 30 tot 40% ongemoute tarwe, aangevuld met gemoute gerst. Het bier wordt op smaak gebracht met gemalen korianderzaad en gedroogde Curaçaosinaasappelschil. Die kruiden geven witbier zijn frisse, licht kruidige en citrusachtige karakter.
Het Duitse Weizenbier – Weizen is nu eenmaal het Duitse woord voor tarwe – volgt een andere traditie. Volgens het Reinheitsgebot uit 1516 worden geen kruiden toegevoegd. De typische fruitige aroma’s van banaan, appel en peer en de kruidige toets van kruidnagel zijn volledig het resultaat van de gist. Gist werd in 1516 overigens nog niet als ingrediënt herkend; pas eeuwen later ontdekte Louis Pasteur zijn rol bij de vergisting.
De benaming Hefeweizen verwijst naar een ongefilterd Weizenbier waarin de gist nog aanwezig is. Hefe betekent immers gist.
Pierre Celis redt een bierstijl
Tegen het einde van de negentiende eeuw was de Belgische witbierproductie vrijwel volledig geconcentreerd in de streek rond Leuven, en meer bepaald in Hoegaarden. Het dorp was een waar brouwcentrum, met een dertigtal brouwerijen voor amper tweeduizend inwoners.
De opmars van pilsbier, met onder meer Stella uit Leuven, zorgde er echter voor dat de eeuwenoude witbiertraditie langzaam verdween. In 1957 sloot de laatste Hoegaardse witbierbrouwerij haar deuren. Het leek het definitieve einde van een bierstijl die eeuwenlang het dorpsbeeld had bepaald. Dat was echter buiten Pierre Celis gerekend.
De plaatselijke melkboer had als kind meegeholpen in brouwerij Tomsin en voelde dat de dorpelingen heimwee hadden naar het bier waarmee Hoegaarden groot was geworden. Hij besloot de traditie nieuw leven in te blazen en richtte brouwerij De Kluis op. Met de financiële steun van zijn vader en tweedehandsmateriaal uit gesloten brouwerijen vloeide in 1966 opnieuw witbier uit de ketels.
Het succes liet niet op zich wachten. De brouwerij groeide razendsnel, maar de investeringen wogen zwaar. Na een verwoestende brand verkocht Pierre Celis in 1987 zijn brouwerij aan Interbrew, het huidige AB InBev.
Daarmee zou het verhaal niet afgelopen zijn. In 1992 verhuisde Celis naar Austin, Texas, waar hij Celis White begon te brouwen: een zacht, fruitig witbier in echte Hoegaardse traditie. Daarmee droeg hij in belangrijke mate bij aan de wereldwijde heropleving van het Belgische witbier.
Van Hoegaarden naar de wereld
In het kielzog van Hoegaarden brachten ook andere Belgische brouwerijen hun eigen witbier op de markt. Wat goed is, lekker is én goed verkoopt, krijgt nu eenmaal navolging.
In het kielspoor van Hoegaarden brengen andere grote Belgische brouwers een Witbier op de markt. Immers, wat goed is, lekker is en goed verkoopt vraagt om navolging. Ja, zelfs de Nederlandse Trappisten van La Trappe brouwen een witbier, een witte Trappist. Het bier is eigenlijk een liefdeskind tussen wit en Weizen. De brouwer studeerde in Duitsland bij Weihenstephan en smokkelde Duitse elementen in het bier.
Zo blijkt witbier, ondanks zijn bescheiden uiterlijk, een bierstijl met een bijzonder rijke geschiedenis. Van middeleeuwse landbouwgebieden over het bijna verdwenen Hoegaarden tot de moderne craftbeerbeweging.
Wit een modekleur? Nee, wit is een evergreen…
Dorstig naar meer biernieuws? Klik hier!